Mijn versie van de feiten mag ook wel eens geweten zijn. Niet dat ik er echt veel aan toe te voegen heb.
De dichterlijke vrijheid van Mr. Osahi zorgt er wel af en toe voor dat ik zinnen zeg die ik niet gezegd heb, en omgekeerd, maar de overgrote context blijft tochwel hetzelfde. De tekst geeft heel mooi de sfeer weer die er was op deze zwoele dinsdag maandag aan het water in Gent.
Ik was in een vrolijke bui deze middag.
En van vrolijkheid komt zottigheid uiteraard.
Dat water uitproesten in zijn gezicht was gewoon een leuke ingeving van het moment. Ik was net met mijn gedachten afgedwaald naar een leuk spelletje dat wel eens op CM kampen wordt gespeeld.
Een hele rij meisjes, en een ‘vrijwillige’ jongen moet bij de eerste voeten kussen, bij de volgende knieën, enzovoort. Tot hij aan de laatste komt. Die moet hij zogezegd op de mond kussen, maar zij spuit in de plaats een hele klets water in zijn gezicht.
De druppels op zijn bril droogden snel op. In de plaats verschenen allemaal vlekken die verkleurden naargelang het schijnsel van de zon. En zijn haar. Zijn haar werd nog blonder. Net in mèskes getrokken.
‘Word ik daar niet nog aantrekkelijker door?’ vroeg hij plagend.
Ik moet het de volgende keer misschien wel eens op een gevoelige plaat vastleggen. Het is wel schattig eigenlijk.